We woonden in 2011 nog maar nauwelijks in Montagu of we werden gevraagd om mee te helpen met het uitlaten van honden, die door de SPCA in Ashton opgevangen waren. Wij zijn liefhebbers van honden en dieren in het algemeen (met uitzondering van krokodillen, slangen en muggen) en hebben dus toegestemd om te helpen. Al 5 jaar lopen we wekelijks met een achttal honden. Vaak doen we dat met plezier, maar er zijn ook wel eens dagen, dat we niet zo veel zin hebben. Tóch gaan we, want als we zien hoe de honden genieten van dit stukje "vrijheid", dan realiseren we ons : " Daar doen we het voor ".
De SPCA krijgt minimale staats-steun en is daarom grotendeels afhankelijk van donaties. Om financiëel rond te komen, houdt men enkele keren per jaar z.g. sponsor-bijeenkomsten. Vorige week was er weer zo'n bijeenkomst op Mandela-dag. Een dag, waarop mensen geacht worden een goede daad te verrichten naar de geest van Nelson Mandela. De SPCA hield woensdag een winter-soep-avond en met de opbrengst gaat men gedurende 5 dagen dieren helpen in afgelegen delen van hun werkgebied. Belangstellenden werd gevraagd om iets te doneren (hondenvoer, dekens, halsbanden, riemen,etc.).
Om de aanwezigen te vermaken trad mr. Guitarman, Alf Boyley op en ook Montagu Accappella droeg belangeloos een steentje bij. Na de glühwein, een voorgerecht en de soep en brood, kon er gedanst worden op de 60er- en 70er jaren muziek van Alf, maar tot verdriet van de "Guitarman" kwam er niemand op de dansvloer, tótdat Sanja het goede voorbeeld gaf en er in slaagde om wat meer mensen op de vloer te krijgen, wat de avond nóg aangenamer maakte dan hij tóch al was !
Vier blogs geleden schreef ik over onze "Turksvy", een cactus, die beschouwd wordt als een indringerplant, die eigenlijk verwijderd moet worden. Ik dacht: " Ach, één zo'n plant kan toch niet te veel schade aanrichten ". Dat is natuurlijk ook zó, maar het gaat landelijk natuurlijk om heel wat méér dan één plant. Gustav Pienaar - beschouw hem maar als de Rob Verlinden van de West-Kaap - maakt omtrent indringerplanten de vergelijking met de katten van Marion-eiland.
Dit kleine eiland, wat 1770 km ten zuiden van Zuid-Afrika ligt, werd in 1947 door Zuid-Afrika geannexeerd en men vestigde er een meteo-station. Het laboratorium van dit station had korte tijd later te maken met een enorme muizenoverlast, totdat iemand in 1949 op het lumineuze idee kwam om vijf katten naar dit eiland te brengen. In een verbijsterend tempo vermeerderden de katten zich en in 1975 waren er al meer dan 2.000, die in dat jaar alleen al meer dan een half miljoen broedvogels opvraten. Drie stormvogel-soorten zijn toen op het eiland uitgeroeid. In 1977 waren er al meer dan 3.400 wilde katten en toen heeft men een kattenvirus geïntroduceerd, waardoor het kattenaantal flink afnam. Door systematisch katten te vangen was 19 jaar later Marion-eiland van de wilde katten en een serieus probleem verlost. Met onze ene ongewenste cactus zal het wel niet zo'n vaart lopen, maar ik kijk nu toch met andere ogen naar deze plant en andere indringersoorten !
Tenslotte:

Volgers van onze blog weten, dat we vorig jaar vier keer te vergeefs walvissen probeerden te spotten. We waren toen blijkbaar te laat en de walvissen waren al weer verdwenen. Dus namen we ons voor om deze keer wat vroeger in het seizoen te gaan kijken. We waren zondagmorgen al bijtijds in Hermanus om te constateren met nog vele lotgenoten, dat er weer geen walvissen te zien waren. Nu is Hermanus ook zonder walvissen best een leuke plaats met veel toeristisch vermaak en dus slenterden we langs stalletjes en door winkelcentra om uiteindelijk te belanden in Restaurant Futura, waar veel visgerechten op de menukaart stonden. Tijdens de smakelijke lunch greep Sanja plotseling de verrekijker en zag, dat de twee zwarte vlekken, die ze gezien had, echt twee walvissen waren. Het was ver weg, maar het spuitende fonteintje was voldoende bewijs, dat het hier echt om walvissen ging. Jammer genoeg lagen onze camera's al weer in de auto en hebben we dus geen bewijs. Deze keer waren we blijkbaar wat aan de vroege kant, maar we gaan binnenkort nog wel een keer en een leuke dag was het toch weer geweest !
Vier blogs geleden schreef ik over onze "Turksvy", een cactus, die beschouwd wordt als een indringerplant, die eigenlijk verwijderd moet worden. Ik dacht: " Ach, één zo'n plant kan toch niet te veel schade aanrichten ". Dat is natuurlijk ook zó, maar het gaat landelijk natuurlijk om heel wat méér dan één plant. Gustav Pienaar - beschouw hem maar als de Rob Verlinden van de West-Kaap - maakt omtrent indringerplanten de vergelijking met de katten van Marion-eiland.
Dit kleine eiland, wat 1770 km ten zuiden van Zuid-Afrika ligt, werd in 1947 door Zuid-Afrika geannexeerd en men vestigde er een meteo-station. Het laboratorium van dit station had korte tijd later te maken met een enorme muizenoverlast, totdat iemand in 1949 op het lumineuze idee kwam om vijf katten naar dit eiland te brengen. In een verbijsterend tempo vermeerderden de katten zich en in 1975 waren er al meer dan 2.000, die in dat jaar alleen al meer dan een half miljoen broedvogels opvraten. Drie stormvogel-soorten zijn toen op het eiland uitgeroeid. In 1977 waren er al meer dan 3.400 wilde katten en toen heeft men een kattenvirus geïntroduceerd, waardoor het kattenaantal flink afnam. Door systematisch katten te vangen was 19 jaar later Marion-eiland van de wilde katten en een serieus probleem verlost. Met onze ene ongewenste cactus zal het wel niet zo'n vaart lopen, maar ik kijk nu toch met andere ogen naar deze plant en andere indringersoorten !
Tenslotte:
Volgers van onze blog weten, dat we vorig jaar vier keer te vergeefs walvissen probeerden te spotten. We waren toen blijkbaar te laat en de walvissen waren al weer verdwenen. Dus namen we ons voor om deze keer wat vroeger in het seizoen te gaan kijken. We waren zondagmorgen al bijtijds in Hermanus om te constateren met nog vele lotgenoten, dat er weer geen walvissen te zien waren. Nu is Hermanus ook zonder walvissen best een leuke plaats met veel toeristisch vermaak en dus slenterden we langs stalletjes en door winkelcentra om uiteindelijk te belanden in Restaurant Futura, waar veel visgerechten op de menukaart stonden. Tijdens de smakelijke lunch greep Sanja plotseling de verrekijker en zag, dat de twee zwarte vlekken, die ze gezien had, echt twee walvissen waren. Het was ver weg, maar het spuitende fonteintje was voldoende bewijs, dat het hier echt om walvissen ging. Jammer genoeg lagen onze camera's al weer in de auto en hebben we dus geen bewijs. Deze keer waren we blijkbaar wat aan de vroege kant, maar we gaan binnenkort nog wel een keer en een leuke dag was het toch weer geweest !
Zuid-Afrikaans woordenboek:
kopseer = 'n serieus probleem











